De Activist

Kunstenaars en protest, dat is door vele eeuwen en culturen heen een bekende combinatie, en Fons Gieles vormt daarop geen uitzondering. Zo bevlogen als hij met zijn vak was, en begaan met zijn leerlingen, zo bevlogen was hij ook met veel andere zaken: met Bergen op Zoom, met natuur en cultuur, met geloof. En menigmaal kwam hij in actie tegen vermeend onrecht dan wel in zijn ogen verkeerde ontwikkelingen.

Een eerste vriendelijke vorm, het mag nauwelijks een protest heten, was zijn carnavalswagen ‘De Krabben willen d’r in’. Daarmee hij pleitte voor een grotere en snellere toegankelijkheid van het Markiezenhof voor het publiek en beeldde daarin ook Korneel Slootmans af als voorganger in die strijd.

Carnavalswagen ‘De Krabben willen d’r in’. Bouwclub ‘Ut Gaspitje’, 1957.

Een al wat serieuzere maar nog steeds humoristische wijze van protest was in 1966 zijn carnavalswagen Z.N.S.F.: ‘Zal Nie mir Stinke Fortaan’. In die tijd was er veel ophef over de stankoverlast van de Zuid-Nederlandse Spiritus Fabriek en de gedane toezegging van de directie die in te perken.

Carnavalswagen ‘Zal Nie mir Stinke Fortaan’, bouwclub ‘Ut Gaspitje’, 1966. De wagen won de eerste prijs.

Een eerste echt serieus protest kwam er eind jaren ’60 toen hij het voortouw nam in de strijd tegen de plannen voor bebouwing van het Ravelijn met een nieuwe muziekschool. In het atelier aan de Cornelis Pronkstraat 20 werden avonden en nachtelijke uren door een clubje fanatieke tegenstanders besteed aan het bouwen van een maquette. En men liet kaarten drukken die breed verspreid werden onder de bevolking. Ook de kinderen Gieles werden ingeschakeld om deze getekende protestkaarten deur aan deur op te halen.

© westbrabantsarchief

En met success, want de bouw kwam er niet. Wat er wel kwam was de oprichting van de Geschiedkundige Kring waar hij van 1967 tot 1972 voorzitter was. Ook de vele jaren erna voorzag hij het blad ‘De Waterschans’ van nieuwe inzichten en artikelen, niet in de laatste plaats over opgravingen, Bergs aardewerk en pottenbakkerijen.

Fons Gieles streed vaak op geheel eigen wijze, veelal door ingezonden stukken in de krant. Het onderschrift F.G. was al snel genoeg voor iedere Bergenaar om te weten uit welke pen het kwam. Maar bij ingezonden stukken bleef het niet: als hij het nodig vond werd er meer actie ondernomen. Zo regelde hij een ‘second opinion’ via de Landbouw Universiteit van Wageningen voor de vaststelling van de toestand van de bomen aan het Bolwerk. Het heeft ze voor de kap behoed.

Ook protesteerde hij eind jaren ’80 fel tegen de sluiting van De Maagd als kerk. De Maagd was zijn thuiskerk, waar hij als kleine jongen wekelijks te kerke ging en zong in het koor dat zijn vader, Arie Gieles, dirigeerde. Sluiting betekende voor hem een afbraak van zijn zo dierbaar verleden en symboliseerde de neergang van het geloof. Een wijze van protest was zijn open briefdie hij aan bisschop Ernst schreef.

Nieuwjaarswens 1987, Apocalypse.

Een heel bijzondere wijze van protest was wel zijn nieuwjaarswens van 1987 getiteld ‘Apocalyps’. De nieuwjaarswens toont het laatste oordeel waarin een Engel het kindje Jezus redt uit de armen van Maria terwijl op de achtergrond het kwaad in de vorm van de Draak al klaar staat om vernietigend uit te halen. Een Apocalyps als nieuwjaarswens, je moet maar durven.

Maar hij voerde ook constructief actie. Zo zijn ook het herstel van de monumentale fontein van Janus Dingemans aan de Burgemeester Stulemeijerlaan en de bouw van de Gertrudiskapel zijn mede aan hem te danken. Het torentje van de Martelaren van Gorkum, hij tekende de sloop ervan nauwgezet – werd hergebruikt voor de bouw van de Gertrudiskapel. Ook de glas-in-lood-ramen voor de kapel werden door hem ontworpen. Voor meer informative hierover: zie www.gertrudiskapel.nl.